Wacht met schenken voor de eigen woning

Wilt u uw zoon, dochter of iemand anders een bedrag schenken voor de eigen woning, wacht dan nog even. De Eerste Kamer moet nog instemmen, maar de plannen zijn er al. Vanaf 2017 kunt u gebruikmaken van de verhoogde en verruimde vrijstelling voor een eenmalige schenking voor de eigen woning. De vrijstelling wordt dan structureel verhoogd van € 53.016 (bedrag 2016) naar € 100.000.

Tip: Het wordt ook mogelijk om de schenkingsvrijstelling te gebruiken voor een schenking die u spreidt over drie achtereenvolgende jaren. Gebruikt de ontvanger van de schenking deze bijvoorbeeld voor aflossing van de eigenwoningschuld, dan kan spreiding van de schenking mogelijk de boeterente (deels) voorkomen.

De beperking dat de schenking moet zijn gedaan van een ouder aan een kind komt te vervallen, waardoor er ook buiten de gezinssituatie gebruik kan worden gemaakt van de vrijstelling. Wel blijft de beperking van kracht dat de begunstigde tussen 18 en 40 jaar moet zijn.

Let op! De verhoogde schenkingsvrijstelling voor de eigen woning is eenmalig. De verkrijger kan hier eenmaal per schenker gebruik van maken. Heeft u als schenker ten aanzien van dezelfde verkrijger in 2010 tot en met  2014 al gebruikgemaakt van de toenmalige verhoogde schenkingsvrijstelling, dan is dit vanaf 2017 niet meer mogelijk. Schenkt u aan uw zoon of dochter in 2015 of 2016 eenmalig een bedrag voor de eigen woning (maximaal € 52.752 respectievelijk € 53.016), dan mag u dit bedrag in 2017 of 2018 nog aanvullen tot € 100.000.

Tip: Degene die de schenking ontvangt, moet deze gebruiken voor de eigen woning. Het gaat om de verwerving of verbouwing van een eigen woning, de afkoop van rechten van erfpacht, opstal of beklemming met betrekking tot die woning en de aflossing van de eigenwoningschuld of de restschuld na verkoop van de eigen woning.


Check uw voorlopige aanslag 2016

Heeft u een voorlopige aanslag inkomstenbelasting voor 2016 ontvangen van de Belastingdienst? Mogelijk bevat deze aanslag dan verkeerde teksten. Zo ja, dan ontvangt u binnenkort van de Belastingdienst een excuusbrief met extra informatie. Check in ieder geval de geschatte gegevens en bedragen.

De Belastingdienst meldt dat er per abuis verkeerde teksten op de voorlopige aanslag 2016 terecht zijn gekomen. Zo staat er mogelijk dat uw partner in 2016 de AOW-leeftijd bereikt, terwijl dat helemaal niet het geval is. Of dat u bent gescheiden in 2015, terwijl u in werkelijkheid gewoon getrouwd bent. U kunt deze teksten negeren. Er volgt geen nieuwe voorlopige aanslag 2016, zo meldt de Belastingdienst, omdat het bedrag op de aanslag wel correct is.

Mocht op uw voorlopige aanslag een verkeerde tekst staan, dan ontvangt u binnenkort van de Belastingdienst een excuusbrief met meer informatie. Check in ieder geval de geschatte gegevens op de voorlopige aanslag inkomstenbelasting voor 2016. Kloppen de bedragen niet, neem dan contact met ons op.

Wat verandert er in 2016?
Op 1 januari 2016 gaan nieuwe belastingregels in. Hierdoor kan uw inkomen hoger of lager worden. Dan is het misschien verstandig om een voorlopige aanslag aan te vragen, te wijzigen of stop te zetten.

Veranderingen voor 2016 die in het Belastingplan 2016 zijn voorgesteld, zijn al verwerkt in de voorlopige aanslag 2016 die u hebt ontvangen of binnenkort ontvangt. Deze veranderingen zijn nog afhankelijk van goedkeuring door de Eerste Kamer. Behandeling van het Belastingplan in de Eerste Kamer vindt half december plaats. Later die maand leest u of dit gevolgen heeft voor uw voorlopige aanslag.


Nieuw uiterlijk voor box 3 in 2017

Houd rekening met een nieuwe vorm van belastingheffing in box 3 vanaf 2017. Als de plannen die bij de Eerste Kamer liggen doorgaan, sluit vanaf 1 januari 2017 de vermogensrendementsheffing beter aan bij de werkelijk behaalde rendementen op uw gespaard vermogen in box 3.

Rendement
U krijgt te maken met een vermogensmix en drie schijven met ieder een eigen forfaitair rendementspercentage. Het belastingtarief in box 3 blijft 30% en het heffingsvrij vermogen gaat naar € 25.000 per persoon.

Het forfaitair rendement wordt vastgesteld op basis van de werkelijk behaalde rendementen over spaargelden en beleggingen. Het forfaitair rendement van 4% wordt vervangen door een staffel van jaarlijks veranderende rendementen.

Cijfers voor 2017
Voor het jaar 2017 geldt tot een belastbaar vermogen van € 100.000 (per belastingplichtige) een forfaitair rendement van 2,9%, tussen € 100.000 en € 1 miljoen geldt een percentage van 4,7% en daarboven van 5,5%.


Belastingplannen 2016 door de Tweede Kamer

Het was de afgelopen dagen spannend, maar op woensdag 18 november 2015 heeft de Tweede Kamer dan toch ingestemd met de belastingplannen voor 2016. Daarmee komt de beloofde € 5 miljard lastenverlaging een stuk dichterbij, maar ook maatregelen als de samenvoeging van de WBSO en de RDA en een aanscherping van het gebruikelijkheidscriterium in de werkkostenregeling.

Belangrijke maatregelen
Het belastingpakket voor 2016 bevat onder meer de volgende belangrijke maatregelen:

  • Door verlaging van het inkomstenbelastingtarief in de tweede en derde schijf van 42% naar 40,20%, verhoging van de arbeidskorting en enkele andere lasten verlagende maatregelen gaan de meeste mensen er volgend jaar op vooruit.
  • De verhoogde schenkingsvrijstelling voor de eigen woning wordt per 2017 verruimd tot € 100.000. Naast die verruiming is daar recent nog aan toegevoegd dat de vrijstelling ook mag worden verspreid over drie achtereenvolgende kalenderjaren.
  • De kinderbijslag gaat omhoog evenals de kinderopvangtoeslag. Box 3 krijgt een nieuw uiterlijk in 2017.
  • Per 2016 wordt de RDA (Research & Developmentaftrek) samengevoegd met de WBSO.
  • De conserverende belastingaanslag bij emigratie wordt niet meer na tien jaar kwijtgescholden. Deze maatregel wordt met terugwerkende kracht ingevoerd, zodat deze al geldt per 15 september 2015.
  • Het gebruikelijkheidscriterium in de werkkostenregeling wordt aangescherpt. Vanaf volgend jaar mag u als werkgever een vergoeding of verstrekking alleen aanwijzen als eindheffingsbestanddeel, als het gebruikelijk is om een dergelijke vergoeding/verstrekking onder te brengen in de vrije ruimte van de werkkostenregeling.
  • Het percentage van de energie-investeringsaftrek (EIA) gaat omhoog van 41,5% naar 58%.

Onzekerheid
Of bovenstaande en andere maatregelen doorgaan is onzeker. De Eerste Kamer moet namelijk nog instemmen met het belastingplan en daar zit een heet hangijzer. Een aantal politieke partijen is het namelijk niet eens met de vormgeving van de bijbehorende € 5 miljard lastenverlaging. Het is dan ook de vraag of het kabinet alsnog voldoende steun vanuit de oppositie in de Eerste Kamer krijgt voor invoering van het belastingplan 2016.