Wiebes: geen signalen afhakende opdrachtgevers na invoering DBA

Naar aanleiding van het bericht in de Telegraaf dat opdrachtgevers afhaken door de afschaffing van de VAR, vroeg Tweede Kamerlid Steven van Weyenberg (D66) reactie van staatssecretaris Eric Wiebes van Financiën. Wiebes geeft aan dat daar geen cijfers van bekend zijn bij hem.

Opdrachtgevers bevreesd

In het bericht van de Telegraaf van 15 juni jl. staat dat Stichting ZZP Nederland in twee weken tijd vijftig meldingen had ontvangen van grote opdrachtgevers die niet langer met zzp’ers willen werken vanwege de afschaffing van de VAR. Ook uit een evaluatie van de eerste twee maanden van de nieuwe Wet deregulering arbeidsrelaties van uitzendorganisatie Randstad blijkt dat opdrachtgevers huiveriger zijn. Eerder meldde Randstad al dat 88% van de zzp’ers vreesde minder werk te krijgen door de nieuwe regels. Wiebes reageert in een Kamerbrief op het bericht van de Telegraaf dat deze opdrachtgevers er wellicht nog steeds van uit gaan dat de Wet DBA wijziging brengt in de wettelijke kwalificatie van een arbeidsrelatie. Wat volgens Wiebes niet het geval is. Daarnaast geeft hij aan dat opdrachtgevers niet bevreesd hoeven te zijn voor deze wet.

Geen grens

Verder geeft Wiebes in zijn Kamerbrief aan dat hij geen cijfers heeft waaruit kan worden afgeleid dat de inzet van zzp’ers als gevolg van de inwerkingtreding van de Wet DBA zou verschuiven naar payrolling. ‘De Wet DBA noopt ook niet om over te stappen naar payrolling. De grens tussen ondernemerschap en dienstverband verandert immers niet. Alles wat ten tijde van de VAR mocht, mag onder de Wet DBA ook. Alles wat onder de Wet DBA niet kan, kon onder de VAR ook al niet.’ Randstad deelt die mening niet en denkt dat de nieuwe wet ervoor zorgt dat er minder zzp’ers zullen overblijven. ‘De toetsingscriteria zijn strenger geworden en een deel zal daar niet aan kunnen voldoen. Ook heerst er nog een hoop onzekerheid waardoor bedrijven afwachtend zijn of de keuze maken om geen zzp’ers in te huren’, zegt zzp-programmadirecteur Arco Elsman van Randstad.

Stand van zaken

Van Weyenberg vroeg de staatssecretaris om een overzicht van het aantal verzoeken tot goedkeuring van modelovereenkomsten. Medio juni zijn er ongeveer 2400 overeenkomsten behandeld. Hiervan zijn er door betrokken partijen rond de 800 verzoeken ingetrokken, zitten circa 650 in de eindfase van behandeling en is in ruim 200 gevallen de voorgelegde overeenkomst ‘goedgekeurd’. Daarentegen kon in 750 gevallen door de Belastingdienst geen zekerheid vooraf worden verleend dat de voorgelegde overeenkomst altijd tot werken buiten dienstbetrekking zal leiden.

Toezicht

Van Weyenberg vroeg zich af hoe er toezicht wordt gehouden of er volgens de modelovereenkomsten wordt gewerkt. ‘Het toezicht op de voorgelegde en beoordeelde overeenkomsten zal onderdeel gaan uitmaken van het reguliere toezicht op de loonheffingen dat de Belastingdienst uitvoert. (…) Op de Belastingdienst rust de bewijslast dat er niet conform de modelovereenkomst wordt gewerkt.’ Volgens Randstad voldoet de gemiddelde zzp’er die nu nog met een VAR-verklaring werkt in 95% van de gevallen niet aan de nieuwe regels. Zij kunnen niet voor hun opdrachtgever blijven werken. Zo hebben ze hun administratie niet op orde en zijn ze bijvoorbeeld niet ingeschreven bij de Kamer van Koophandel.

Tweewekelijks bevraagd

Tot slot merkt Wiebes op dat hij bijna tweewekelijks wordt bevraagd door de Kamer over de DBA. Hij concludeert hieruit dat er nog veel onduidelijkheid is over de elementen van de DBA. Hij zegt daarom toe om na het zomerreces een inzicht te sturen hetgeen door de Belastingdienst met de partners in verschillende sectoren is bereikt, maar ook tegen welke knelpunten en onmogelijkheden de Belastingdienst bij zijn beoordeling aanloopt.


Boete voor zwartsparen vanaf 1 juli 2016 verdubbeld

Vanaf 1 juli gaat de boete voor zwartsparen bij vrijwillig melden omhoog van 60% naar 120%. Bij niet melden geldt een boete van 300%.

Verzwegen vermogen is voor de Belastingdienst een belangrijk aandachtspunt. Veruit de meeste belastingplichtigen geven hun vermogen correct op. Een kleine groep doet dit niet of niet volledig, waardoor de Belastingdienst jaarlijks inkomsten misloopt. De Belastingdienst ziet er daarom op toe dat iedereen zijn vermogen correct en volledig aangeeft.

Vóór 1 juli nog 60% boete
Hebt u buitenlands vermogen dat nog niet is aangegeven? Dan kunt u contact opnemen met de Belastingdienst voor het vrijwillig verbeteren van de aangifte. Hoe langer u wacht met het melden van onbekend buitenlands vermogen bij de Belastingdienst, hoe hoger de boete. Wie zich vóór 1 juli 2016 meldt, voorkomt nog de verhoging van de boete van 60% naar 120% over de te betalen belasting.

Intensieve samenwerking
De kans dat de Belastingdienst buitenlands vermogen op het spoor komt, wordt steeds groter. Overheden werken onderling steeds intensiever samen om onbekend vermogen in beeld te krijgen. Nederland krijgt gevraagd en ongevraagd informatie aangeleverd van buitenlandse overheden.

Maximale boete
Door data te koppelen en gegevens uit te wisselen, is de Belastingdienst steeds beter in staat om belastingplichtigen die niet (volledig) aangifte doen, in beeld te krijgen. Als de Belastingdienst niet opgegeven vermogen ontdekt, riskeert men de maximale boete en mogelijk strafrechtelijke vervolging.


In 2016 belastinginhouding op vakantiegeld anders

Een werkgever of uitkeringsinstantie moet vanaf 2016 op een andere manier belasting inhouden op bijzondere beloningen, zoals vakantiegeld, een bonus of een 13e maand. Hierdoor houdt een werknemer een ander bedrag over dan hij gewend was.

Vanaf 2016 kan een werkgever of uitkeringsinstantie alleen nog de tabel bijzondere beloningen gebruiken. Ook houdt de tabel bijzondere beloningen er nog meer rekening mee dat de arbeidskorting inkomensafhankelijk is.

Doordat de loonheffing over vakantiegeld en andere bijzondere beloningen is veranderd, betaalt de belastingplichtige een ander bedrag aan belasting dan hij gewend was.

· Is het jaarinkomen ongeveer € 18.000? Dan betaalt de belastingplichtige minder belasting en krijgt meer vakantiegeld uitbetaald.
· Is uw jaarinkomen hoger dan € 18.000? Dan betaalt de belastingplichtige meer belasting en krijgt dan minder vakantiegeld uitbetaald.

Verschil loonbelasting en inkomstenbelasting
Ook is er nu minder verschil tussen de loonheffing die een werkgever inhoudt en de inkomstenbelasting die de belastingplichtige zelf moet betalen. Zo wordt de kans kleiner dat er bij de aanslag inkomstenbelasting over 2016 moet worden bijbetaald of dat de belastingplichtige grote bedragen terugkrijgt.


Raad van State: maximaal 5 jaar om toeslagen terug te vorderen

De termijn waarbinnen de Belastingdienst/Toeslagen een voorschot in het nadeel van de aanvrager kan herzien of waarbinnen hij de definitieve toeslag lager kan vaststellen, vervalt 5 jaar na de laatste dag van het berekeningsjaar. Dit blijkt uit zes uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Toeslagen nadelig herzien

Het gaat om zaken waarbij de Belastingdienst/Toeslagen voorschotten voor kinderopvangtoeslag in het nadeel van de aanvragers heeft herzien of de toeslag lager definitief heeft vastgesteld. Hierdoor moesten zij bedragen variërend van € 500 tot € 16.000 terugbetalen. Volgens de 6 particulieren was de Belastingdienst daartoe niet meer bevoegd vanwege de termijn die inmiddels was verstreken. Zij wezen er daarbij op dat zij, na 5 jaar, ook niet meer beschikken over betalingsbewijzen.

Tot maximaal 5 jaar

De Afdeling bestuursrechtspraak is van oordeel dat deze bepaling doorkruist zou worden als de Belastingdienst/Toeslagen ook na die termijn nog bevoegd was om een voorschot te herzien of een toeslag definitief vast te stellen op een lager bedrag dan het voorschot. Bovendien is het niet redelijk ‘om van een aanvrager te verlangen de gegevens en bescheiden die noodzakelijk zijn voor een controle door de Belastingdienst/Toeslagen of ze aanspraak maken op een toeslag tot in lengte van jaren te bewaren’. Dat is ook niet in lijn te brengen met de gedachte achter de verjarings- en vervaltermijnen van 5 jaar in het burgerlijk recht. Daarom heeft de Afdeling bestuursrechtspraak geoordeeld dat de Belastingdienst/Toeslagen maximaal 5 jaar de tijd heeft om voorschotten in het nadeel van de aanvrager te herzien of definitieve toeslag lager vast te stellen en de te veel verstrekte kinderopvangtoeslag vervolgens terug te vorderen.


Klantenavond Wet DBA 13-6-2016

U I T N O D I G I N G

INFORMATIEAVOND

 

Van VAR naar DBA : Dat Behoeft Aandacht !

 

Bij dezen nodigen wij u van harte uit voor onze informatieavond

Maandag  13 juni 2016

Zaal Merkus

Dorpsstraat 12 te Oosterhout

Aanvang 20:00 uur

 

Op 1 mei 2016 is de wet DBA Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties in werking getreden, en is de VAR vervallen. De wet DBA heeft nogal wat impact voor zowel  opdrachtgevers als opdrachtnemers. De hamvraag is bij welke afspraken wel of geen inhoudingsplicht bestaat voor de loonheffingen en sociale premies.

In de plaats van de VAR komen voorbeeldovereenkomsten die vooraf zekerheid moeten geven over het ontbreken van deze inhoudingsplicht.

De belastingdienst heeft een aantal voorbeeldovereenkomsten gepubliceerd. Indien opdrachtgever en opdrachtnemer een dergelijke overeenkomst sluiten, stelt de belastingdienst dat de opdrachtgever er zeker van kan zijn dat geen sprake is van een dienstbetrekking en dat hij dan geen loonheffingen behoeft in te houden en af te dragen. Bepalend is dan wel dat ook conform die overeenkomst wordt gewerkt.

Dat is op zichzelf makkelijker gezegd dan gedaan.

Tijdens onze informatieavond willen wij u op een begrijpelijke en ontspannen manier nader informeren over de wet DBA, waarbij we een aantal voorbeeld overeenkomsten zullen bespreken en toelichten, uiteraard geënt op de praktijk.

De periode 1 mei 2016 tot en met 1 mei 2017 geldt als implementatiefase. De belastingdienst zal dan terughoudend zijn met het nemen van handhavingsmaatregelen. Het is zeer aan te raden in deze periode de lopende opdrachten/overeenkomsten te evalueren en maatregelen te treffen die nodig zijn om te voldoen aan de regelgeving DBA

Het informatieve gedeelte van de avond sluit circa 22:00 uur. Daarna is voorzien in een informeel samenzijn met een drankje en een hapje. Aan deelname zijn geen kosten verbonden. Brengt u dus gerust uw partner, collega of andere geïnteresseerden mee.

Wij stellen uw komst zeer op prijs. Het is voor ons prettig om te weten of u aanwezig zult zijn en met hoeveel personen u komt. Dit kunt u telefonisch doen maar het liefst nog per mail naar anja@janssen-cs.nl. Bij voorbaat dank.